Café futur: lokaal fietsbeleidsplan

In de liberale nieuwsbrief van juni schreef ik al dat het eindelijk dat goed was dat de gemeente Oudergem eindelijk over een fietsbeleidsplan beschikt. Op 20 juni hield open VLD in het kader van zijn café futur rond mobiliteit een avond rond lokaal fietsbeleid. Niet alleen een goede samenloop van omstandigheden, maar ook een moment om na te gaan of Oudergem en het plan hier ook wat kan van leren.

Vincent Van Quickenborne omschreef zijn fietsbeleid in Kortrijk en Sven Huysmans van The New Drive presenteerde zijn ervaringen met fietsbeleid in Nederland en hoe dit kon toegepast worden in Vlaanderen.

Ik leerde alvast 2 dingen voor Oudergem: voor aspecten van fietsinfrastructuur, -comfort en -veiligheid heeft het Oudergemse wel aandacht, maar anderzijds moet de gemeente nog zelf via kleine ingrepen het goede voorbeeld nemen en ook erover waken dat het lokale fietsbeleid slimme linken legt met regionale mobiliteitsplannen. Wat het eerste punt betreft is het belangrijk dat een gemeente de uitwerking van een fietscultuur bij zijn inwoners propageert en deze zelf ook uitdraagt, bvb door duidelijke communicatie te voeren op zijn fietsvloot, gerichte “Week van het fietsen” uitdenkt en natuurlijk al zelf erover waakt dat fietsers welkom zijn bij gemeentelijke infrastructuur. Wat het tweede punt betreft, is het broodnodig dat verschillende mobiliteitsstromen op elkaar kunnen afgestemd worden en ieder vervoersmiddel zijn conflictvrije plaats krijgt in mobiliteitstrajecten van mensen. Een fietsbeleid is dus geen document tegen de wagen, maar een manier om verschillende vervoerswijzen een goede plaats toe te kennen die een vlotte mobiliteit voor ieder mogelijk maakt.

Tot slot leerde de avond ook dat fietseducatie enerzijds en duidelijke scheiding van voetgangers/fietsers nodig is ten einde conflicten tussen beide te vermijden.

Ikzelf maakte in de discussie na de presentatie de opmerking dat indien men mensen meer of de fiets wil krijgen en er misschien in steden meer fietsers zullen zijn, er dan geen ruimte moet gecreëerd worden voor een soort nieuw fietsondernemerschap zoals fietstaxi’s, en fietscourierdiensten die minder mobiele mensen kunnen helpen zich te verplaatsen maar ook andere logistieke taken kunnen opnemen (bestellingen, denk maar aan deliveroo). Hoe kan een lokaal of hoger bestuursniveau hier op inspelen door enerzijds dergelijk ondernemerschap mogelijk te maken en anderzijds op de weg te voorzien dat dit niet opnieuw tot meer conflicten tussen fietsers en andere vervoerswijzen leidt.

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: