Difference day over ‘fake news’: Willemsfonds ondersteunt mee!

3 mei is de internationale dag van de vrije meningsuiting en de persvrijheid. Na de aanslag in 2015 op Charlie Hebdo sloeg de VUB met andere partners de handen in mekaar om op 3 mei vrije meningsuiting en persvrijheid in de schijnwerpers te plaatsen.  Telkens staat hierbij een thema uit de actualiteit centraal. Dit jaar stond Difference Day daarom in het teken van ‘fake news’, een term die opgang maakt sinds de recente Amerikaanse presidentsverkiezingen.

Misleiding of propaganda bestaan natuurlijk al sinds mensenheugenis, maar de digitale media maken het mogelijk door hun alomtegenwoordigheid en technologische eigenschap om berichten via bepaalde algoritmes voor te trekken ten opzichte van andere (denk aan je timeline op Facebook bijvoorbeeld) dat ‘fake news’ snel verspreid wordt en moeilijker te ontkrachten valt. Komt daarbovenop een Amerikaanse president die voor de eerste maal de traditionele media aanvalt en deze bewust categoriseert als ‘fake news’. Er ontstaat dus een gevaarlijke mix voor de vrije meningsuiting (journalisten of andere burgers onder druk vanuit machtscentra om hun kritische rol op te nemen) en voor de journalistieke deontologie die erover moet waken dat we als burgers ‘echt’ nieuws krijgen (ongeacht de mogelijke duidelijk vermelde opiniëring in opiniepagina’s).

Als Willemsfonds-lid vind ik het belangrijk dat een liberale beweging zoals het Willemsfonds aan deze dag meewerkt: vrijheid van meningsuiting en een vrije pers vormen de hoeksteen van een liberale samenleving. Daarom maak ik het mee mogelijk dat het Willemsfonds telkenmale een sessie op deze dag mee helpt vorm te geven. Dit jaar was dit een sessie rond mediageletterdheid en hoe burgers fake news hierdoor kunnen identificeren en tegengaan. Verwerven van mediageletterdheid – of te wel de vaardigheid om media-inhouden te vinden en hiermee kritisch te kunnen omgaan –  is cruciaal en het onderwijs speelt hierin natuurlijk een belangrijke rol. Toch zal er meer nodig zijn dat via de schoolbanken deze competentie verwerven. Burgers zelf zullen ook wat alerter moeten zijn: nog al te vaak delen we achteloos een bericht op Twitter of Facebook op basis van een titel of uitspraak, waardoor we het algoritme beïnvloeden (veel klikken of delen zorgt ervoor dat meer mensen het bericht zien). Burgers kunnen zelf ook initiatief nemen: zo ontstaan er momenteel initiatieven door burgers die journalisten willen helpen in het identificeren van fake news. Sociale mediabedrijven kunnen ook een rol: waarom niet naast nieuwsberichten een bepaald label zetten omtrent de betrouwheidsgraad van het bericht? Traditionele mediabedrijven tot slot kunnen ook studenten of andere burgers inschakelen om fake news te helpen ontmaskeren of in kaart te brengen. Kortom, mediawijsheid is cruciaal, maar eigenlijk is fake news bestrijden een werk van iedereen in de journalistieke keten: van nieuwsproducent tot mediabedrijf tot en met de geëngageerde burger.

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: